gedragsprotocol

 

Doel

Door middel van deze notitie geeft het management van HighQ College, richtlijnen ten behoeve van de bedrijfsspecifieke invulling van de gedragscode ter preventie van ongewenst gedrag van de medewerkers in zowel leidinggevende als operationele functies.

De directie van HighQ College gaat er van uit dat alle locaties deze richtlijnen inpassen in de locatiegedragscode en dat de in de code beschreven regels bekend zijn bij en nageleefd worden door de medewerkers. De locatieleider heeft een expliciete taak in deze en draagt zorg voor het regelmatig bespreken en evalueren van de gedragscode.

De richtlijnen sluiten aan bij de aandachtspunten die de onderwijsinspectie en de vertrouwensinspecteurs hanteren bij het beoordelen van de sociale veiligheid binnen HighQ College, in het bijzonder voor de leerlingen.


De richtlijnen

Aan bod komen: de algemene uitgangspunten en concrete onderwerpen als: nablijven, alleen zijn met een leerling, lichamelijk contact, kleding , troosten/knuffelen/op schoot nemen, zoenen, straffen en pesten.


Uitgangspunten

  • Wij accepteren en respecteren elkaar.

  • Wij onderschrijven het uitgangspunt dat mannen en vrouwen, jongens en meisjes gelijkwaardig zijn.

  • Wij geven de ruimte aan persoonsgebonden of cultuurgebonden verschillen, mits deze niet in conflict komen met de algemene gedragsregels.

  • Wij scheppen een klimaat waar kinderen en volwassenen zich veilig voelen.

  • Wij bevorderen een klimaat waarin voor kinderen en volwassenen voorwaarden aanwezig zijn om een positief zelfbeeld te vormen.

  • Er wordt veel aandacht besteed aan zelfredzaamheid en weerbaar gedrag.

  • Stoeien mag, vechten niet.

  • Wij zorgen goed voor onze eigen materialen, die van een ander en van HighQ College, daarnaast zorgen we er samen voor dat de leslocatie er netjes en verzorgd uitziet.

  • HighQ College verwacht van iedereen dat zij zich aan de vastgestelde gedragsregels houden.

  • De gedragsregels komen regelmatig terug binnen teamvergaderingen en klassengesprekken.


Algemeen

Wij streven naar gelijkwaardigheid binnen de school wat inhoudt dat de volgende gedragingen niet worden getolereerd:

  • Grappen met seksueel getinte, vernederende strekking naar anderen, zowel verbaal als non verbaal.

  • Seksueel getinte toespelingen of insinuaties direct of indirect. Wij bedoelen hier ook opmerkingen over of vragen naar uiterlijk en/of gedrag van een ander.

  • Handtastelijkheden die als vernederend ervaren kunnen worden door een ander.

  • Grof taalgebruik en/of schuttingtaal worden in geen enkele situatie getolereerd, ook niet via internet.


Schriftelijk en beeldend materiaal binnen de school

Wij onthouden ons van beeldend en schriftelijk materiaal waarin de ander wordt voorgesteld als minderwaardig of als lustobject.


‘Schoolse’ situaties

Leerlingen thuis uitnodigen

Leerlingen worden niet alleen bij een leerkracht thuis uitgenodigd. Wanneer een groep leerlingen een leerkracht bezoekt gebeurt dit alleen met (schriftelijke) instemming van de ouders en met medeweten van een directielid.


Nablijven

Wanneer leerlingen langer dan een kwartier moeten nablijven, worden ouders hiervan op de hoogte gesteld. Bij langere nablijfsessies wordt een collega hierover ingelicht. Belangrijk is hiermee ook rekening te houden bij de indeling van de klassendienst. Een leerkracht blijft nooit alleen op school met een kind.


Alleen met een leerling of leerlingen in een afgesloten ruimte

Leerkrachten proberen zoveel mogelijk te voorkomen dat zij met een leerling in een afgesloten ruimte verkeren, zoals bijvoorbeeld in een magazijn. Als dit niet te voorkomen is, wordt er als dat mogelijk is voor gezorgd dat de deur openstaat of dat men door de glazen deur naar binnen kan kijken, zodat collega’s kunnen horen wat er besproken wordt, c.q. wat er gebeurt.


Kleding

Leerkrachten geven in hun eigen wijze van kleding het goede voorbeeld. Zij kleden zich zoals dat van een “professional in de werksituatie” verwacht mag worden. Leerkrachten maken over kleding geen opmerkingen die kwetsend of als bewust prikkelend kunnen worden uitgelegd. Het dragen van een hoofddoek is toegestaan.


Ongevallen en ongelukjes

Indien er hulp geboden moet worden, wordt er rekening gehouden met de aanwezige mogelijkheden op school en de wensen van het kind. Ouders dienen leerlingen van een set kleding te voorzien indien de kans op noodzakelijke verschoning hoog is.


Lichaamscontact

Lichaamscontact algemeen.

Als je iets uitlegt of voor moet doen terwijl je naast de leerling staat, mag je je enigszins over het kind heen buigen. Bij jongere leerlingen, met name bij kleuters, komen met enige regelmaat situaties voor waarin er wel enig lichamelijk contact is en leerling/leerkracht heel dicht bij elkaar zijn. Ook bij motorische oefeningen of motorische leersituaties kan het lichaamscontact noodzakelijk zijn. In deze situaties kan het binnen de context wenselijk zijn lichamelijk contact te hebben of heel dichtbij te staan. Hierbij geldt wel dat zij de leerlingen niet onnodig en niet ongewenst aanraken.

Knuffelen en op schoot nemen

Kinderen worden nooit tegen hun wil op schoot genomen. In de onderbouw kan het voorkomen dat kinderen op schoot genomen worden. Dit gebeurt alleen wanneer de kinderen dit zelf aangeven. In de bovenbouw en voortgezet onderwijs gebeurt dit niet.

Vechtende leerlingen

Als vechtende leerlingen uit elkaar moeten worden gehaald en het lukt niet met woorden, dan worden ze met minimale aanrakingen door een volwassene uit elkaar gehaald.


Controleverlies

Soms kan het voorkomen dat een kind zijn/haar zelfbeheersing volledig verliest. Het kind dient dan tegen zichzelf in bescherming te worden genomen en in bedwang te worden gehouden door middel van lichamelijk contact. Dit is soms ook nodig ter bescherming van medeleerlingen, van anderen en zichzelf en is om die reden toegestaan. Hier geldt dat er sprake is van strikt noodzakelijk contact.


Kinderen aanraken, aanhalen

Een aai over de bol of een schouderklopje zijn goede pedagogische middelen. In het algemeen geldt hierbij: let erop of een kind hiervan gediend is.

Kinderen troosten en belonen

Kinderen hebben het recht aan te geven wat zij wel en niet als prettig ervaren bij troosten en belonen. Lichamelijke aanraking kan bij het troosten heel goed zijn. Merk je dat een leerling dit niet wil, dan doe je dit niet. Spontane reacties blijven mogelijk, ook in de hogere groepen, waarbij de wensen van de kinderen altijd gerespecteerd moeten worden.


Kinderen zoenen

Leerkrachten zoenen geen kinderen, noch vragen ze om een zoen. Bij een enkele bijzondere gelegenheid zoals bij het feliciteren of afscheid nemen van een kind uit de eigen klas (verjaardag kind, diploma-uitreiking, enzovoorts) is het de leerkracht toegestaan een zoen te ontvangen en te geven indien een kind dat wenst en alleen in het bijzijn van anderen. Wanneer een leerling een leerkracht spontaan wil zoenen, hetgeen bij kleuters nog wel eens voorkomt, wordt dit toegelaten.


Leerlingen straffen

Er worden geen lichamelijke straffen gegeven, ook geen lichte tikken of daadwerkelijk knijpen in een arm.

Lichamelijk geweld

Lichamelijk geweld tussen personen wordt in geen enkele situatie getolereerd. Lichamelijk geweld wordt dan ook door leerkrachten en kinderen vermeden.


Omkleden

Indien noodzakelijk, bijvoorbeeld bij ‘ongelukjes’, kunnen kinderen worden geholpen met aan- en uitkleden. Er wordt wel rekening gehouden met de situatie en de wensen van de kinderen. Als de situatie erom vraagt verleent de leerkracht direct hulp. Rekening moet worden gehouden met de aanwezige mogelijkheden op de leslocatie. Indien nodig zullen ouders worden ingeschakeld. Leerkrachten verblijven in principe niet met een individueel kind in een ruimte.


Ongelukken

Lichamelijke aanrakingen zijn ter behandeling vaak noodzakelijk. Bij behandeling van een gewonde / geblesseerde leerling zorgt de leerkracht ervoor dat er in principe een andere leerling of volwassene bij aanwezig is. Indien er (eerste)hulp noodzakelijk is, mag de daartoe bevoegde persoon handelen naar de eisen van de omstandigheden.


Buitenactiviteiten

Er wordt altijd in groepen aan activiteiten gedaan. Kinderen worden niet alleen naar een bepaalde plaats (bos, strand, pretpark et cetera) gestuurd, ook niet vergezeld door een enkel lid van de leiding.

Alleen zijn met een leerling

In het algemeen geldt ook voor buitenactiviteiten dat een ‘één op één’-situatie zoveel mogelijk wordt voorkomen. Verder gelden alle regels die toepasbaar zijn op hiervoor genoemde onderdelen van deze gedragscode.


Pesten

  1. Wij willen bij de aanpak van pesten uitgaan van:

    1. hulp aan het gepeste kind;

    2. hulp aan de het pestende kind;

    3. hulp aan de zwijgende middengroep;

    4. hulp aan de leerkracht;

    5. hulp aan de ouders.


De voorwaarden die nodig zijn om hieraan gestalte te geven komen in diverse situaties onder de aandacht:

  • Tijdens oudergesprekken kunnen voornemens rondom een veilige school organiseren worden besproken.

  • Situaties creëren voor leerlingen waarin zij allerlei ervaringen opdoen rond dit thema met als doel meer weerbaar te worden en een veilig klimaat te scheppen voor iedereen.

  • Voor de lessen beginnen en eindigen staat een leerkracht bij de ingang om de leerlingen te begroeten.

  • Tijdens, maar ook vlak voor en na de les is er toezicht aanwezig.

  • Niemand aanspreken met bijnamen die als kwetsend kunnen worden ervaren.

  • Adequaat reageren op pesten door tijdige signalering en het bespreken hiervan. Dit alles gebeurt op een constructieve manier met wederzijds respect.

  • Als de situatie het verlangt ouders van één of meerdere partijen erbij betrekken. Dit in overleg met de directie.


Racisme en discriminatie

Wij leven in een multiculturele samenleving. Dit houdt in dat verschillende groepen uit onze samenleving hun eigen cultuur hebben. Ook onze ‘schoolbevolking’ is multicultureel. Dit vraagt aandacht voor een goed pedagogisch klimaat voor alle leerlingen, waarbij respect voor elkaar een voorwaarde is. Dit komt in het volgende tot uiting:

  • De leerkrachten, leerlingen en ouders behandelen elkaar gelijkwaardig en met respect.

  • Wij discrimineren niet en gebruiken geen discriminerende en/of racistische taal zowel mondeling als schriftelijk.

  • Wij houden ons aan de gedragscode als hierboven omschreven en relevant aan dit onderwerp.


Bespreken van onacceptabel gedrag

Onacceptabel gedrag van leerlingen

  • Kinderen die gedrag vertonen dat als onacceptabel wordt ervaren, worden hierop aangesproken door de medewerker. Dit is veelal een groepsleerkracht/de eigen groepsleerkracht.

  • Met onacceptabel gedrag wordt bedoeld: agressie, gewelddadig discriminerende uitlatingen zowel verbaal als schriftelijk. Dit kan in klassenverband of individueel.


Bespreken van onacceptabel gedrag van leerkrachten/volwassenen

  • Een medewerker wordt op onacceptabel gedrag individueel aangesproken door één of meerdere collega’s en/of iemand van de directie. In voorkomende ernstige gevallen kan  dit leiden tot het treffen van rechtspositionele maatregelen, zoals berisping, schorsing en ontslag.

  • Een ouder wordt op onacceptabel gedrag aangesproken door iemand van de directie.

Klachten

Als men een klacht heeft dan moet men proberen deze eerst met de medewerker en directie op te lossen. Mocht dit niet tot een bevredigende oplossing leiden dan heeft men de mogelijkheid om de klacht voor te leggen aan de contactpersoon en/of bij de vertrouwenspersoon, beide aangesteld door het bevoegd gezag.


De contactpersoon:

Mevr. H. Dahmani

h.dahmani@highqcollege.nl


De vertrouwenspersoon:

Mevr. I.Cheggar

i.cheggar@highqcollege.nl


Richtlijnen

Bij zaken die niet in dit document worden genoemd beslist de directie. Dit gebeurt zoveel mogelijk na overleg met het team of met de directie. Deze gedragsregels dienen als richtlijnen gehanteerd te worden.

 

gedragsprotocol

Download hier ons gedragsprotocol